Skip navigation MENU

Opinie: Ook ijsvogel verdient bijvoedering

Geplaatst op 17-05-2018 in Nieuws.

Met het ingezonden artikel ‘Geen corridor naar de Veluwe’ neemt de fractievoorzitter van het CDA in Gelderland Harold Zoet stelling tegen het verbinden van de Oostvaardersplassen met de Veluwe en andere gebieden. In zijn ogen moet je dieren als ze honger lijden bijvoeren, ook al zijn het wilde dieren. Als oplossing voor de groei van de populatie stelt hij populatiebeheer voor; ofwel jacht. In zijn bijdrage geeft hij zelf aan dat een hek om de Oostvaardersplassen geen goed idee is. Toch verzet hij zich tegen een corridor tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe, terwijl het verbinden van natuurgebieden met elkaar juist de oplossing is om uitwisseling tussen verschillende populaties dieren te verzorgen, inteelt en uitsterven te voorkomen en zo te bouwen aan gezonde, levensvatbare populaties.

Maar laten we eens verder kijken dan de dieren in de Oostvaardersplassen. In de winter van 2008-2009 overleed ongeveer de helft van de populatie ijsvogels in Nederland. Ook afgelopen winter zullen de nodige ijsvogels het leven gelaten hebben. Deze ijsvogels stierven massaal door voedselgebrek, omdat sloten, vijvers,

IJsvogel in uitgehakt blok ijs. Fotograaf: Christoph van Ingen

vennen en beken waren dichtgevroren en ze dan niet meer bij hun voedsel konden komen nl. kleine visjes. Dit allermooiste Nederlandse broedvogeltje stierf daarbij een verschrikkelijke hongerdood. En wat te denken van die schattige bosspitsmuizen of bosmuizen die geen winterslaap doen en elke dag heel veel moeten eten om alleen al hun lichaampje op temperatuur te houden. Tijdens een lange vorst- of koudeperiode leggen ze massaal het loodje. Maar ook andere dieren kunnen het heel zwaar hebben. Zo sterft jaarlijks zo’n 20% van de dassen, omdat ze worden aangereden. Het exacte aantal egels wat jaarlijks sterft onder de wielen van auto’s en andere voertuigen is niet bekend, maar het zijn gigantische aantallen. Vooral dassen zijn vaak niet meteen dood als ze worden aangereden. Ze slepen zich voort tot in de berm om daar te bezwijken aan hun verwondingen. Helaas voor deze dieren sterven ze onzichtbaar, zodat we ons er niet druk over hoeven maken.

Over de Veluwe horen we weinig, maar daar speelt zich jaarlijks eenzelfde drama af. Wilde zwijnen op de Veluwe worden bijgevoederd door jagers, zodat ze gemakkelijker te schieten zijn. Daardoor krijgen wilde zwijnen jaarlijks wel 12 jongen. Stel je toch voor dat al die jongen in leven zouden blijven. Omdat zwijnen veel schade aan kunnen richten staan er overal op de Veluwe hekken om deze beesten tegen te houden, zelfs op de ecoducten! Op de Veluwe liepen afgelopen jaar meer dan 6000 wilde zwijnen rond. Hiervan moesten er 4500 worden afgeschoten. Officieel geldt een maximum voor de hele Veluwe van zo’n 800-1400 zwijnen. Een aantal van deze dieren wordt niet goed geraakt en sterft dan pas later aan zijn verwondingen. De belangrijkste wildonderzoeker van Nederland Geert Groot Bruinderink ziet met lede ogen aan dat de Veluwe inmiddels meer lijkt op een goedkoop schietterrein dan op een natuurgebied. Ondanks dit enorme aantal af te schieten zwijnen komt het toch nog regelmatig voor dat in een jaar dat er weinig eikels en beukennootjes zijn veel wilde zwijnen de hongerdood sterven. Het wil dan wel eens stinken op de Veluwe. Maar ja, deze beesten zijn weggekropen onder struiken en worden niet opgemerkt. In de Oostvaardersplassen is het daarentegen open en zie je al die beesten dood gaan en dood liggen.

Volgens een advies van een internationale commissie moet er boven een sterftecijfer van 30% ingegrepen worden. Maar waarom geldt dit alleen voor herten, konikpaarden en heckrunderen en niet voor de ijsvogel de bosspitsmuis of het zwijn? Ik stel voor dat bij de volgende lange vorstperiode er een bevel vanuit de provincies komt om massaal wakken in het ijs te hakken en poelen te graven waarin we vissen loslaten als voer voor de ijsvogel. Ook stel ik voor dat in alle natuurgebieden waar het sterftecijfer van bepaalde diersoorten als gevolg van aanrijdingen boven de 30% komt, de maximum snelheid op de provinciale wegen wordt verlaagd naar 60 km/u, zodat in ieder geval dassen, reeën en ander groter wild een kans heeft om voor de auto’s uit te vluchten.

De werkelijkheid ziet er dus anders uit. Alleen zichtbare dieren met reebruine ogen kunnen zich verheugen in overmatige aandacht van de mens. Ook al lijdt een ijsvogel of das net zo veel als een hert, toch worden zij gewoon aan hun lot overgelaten. Om er voor te zorgen dat dieren meer mogelijkheden vinden om voedsel te zoeken, een partner te vinden en hun leefgebied uit te breiden moeten we nu eindelijk eens het oude plan afmaken om natuurgebieden met elkaar te verbinden, dus ook de Oostvaardersplassen met de Veluwe. Laten we ons beleid meer richten op een zo natuurlijk mogelijk leven van dieren in plaats van ons enkel druk te maken over hun sterven. Sterven is immers een onlosmakelijk deel van het leven.

Volkert Vintges
Directeur Gelderse Natuur en Milieufederatie

Volkert Vintges on Twitter
Volkert Vintges
Volkert Vintges
Voormalig Directeur
Volkert was directeur tot juli 2018.
Meer weten over bovenstaand bericht? Neem contact op met ons via gnmf@gnmf.nl of 026-3523740